Importheffingen en handelstarieven

Importheffingen zijn tariefregelingen die van toepassing zijn op de invoer. Heffingen blijken belastingen te zijn die overheden heffen op goederen die worden geïmporteerd. Elk land heeft zijn eigen handelstarieven en bedragen. We onderscheiden twee heffingstypes: vaste (eenvoudige) import heffingen en ad valorem (waarde) heffingen.

Eenvoudige, vaste, importheffingen zijn de types van tarieven die de overheidsinkomsten verhogen. Een voorbeeld van een vaste importheffing: een land wil heffingen voeren over horloges. Een vaste heffing van bijvoorbeeld €2 per horloge kan worden vastgesteld. Dit geldt voor elk horloge: goedkope horloges maar ook horloges in de duizenden euros.

Ad valorem heffingen zijn de heffingen die de overheid als percentage van de waarde van de importen hanteert. Een voorbeeld van zo’n tarief is vijftien cent per euro. Dit is dus een relatieve heffing op de waarde van de goederen.

Dit staat in contrast met specifieke tarieven die niet draaien om de geschatte waarde van de geïmporteerde goederen. In plaats daarvan worden ze geheven op basis van de specifieke hoeveelheid van de goederen in kwestie. Specifieke tarieven zoals in het voorbeeld van de horloges kunnen worden berekend op basis van het volume van de ingevoerde goederen, hun gewicht of enige andere vorm van meting die op de goederen van toepassing is.

Tarieven die prohibitief van aard zijn, blijken degenen te zijn die een bedrijf ervan weerhouden om überhaupt een goed te importeren. Deze tarieven kunnen worden gebruikt op goederen die een regering niet in het land wil brengen. Dit kan om veiligheids-, gezondheids- of morele redenen zijn.

Importheffingen: beschermen van de lokale economie

Beschermende importheffingen worden door de overheid vastgesteld om ervoor te zorgen dat de verkoopprijs van geïmporteerde goederen een lokale industrie niet kapot maakt. Deze worden gebruikt om de binnenlandse markten te beschermen tegen buitenlandse concurrentie. Hogere tarieven stellen lokale bedrijven die misschien niet zo efficiënt zijn, in staat om effectief te concurreren met de buitenlandse concurrenten op de lokale binnenlandse markten. Hoewel beschermende tarieven hun tijd en plaats hebben in de opbouw van de lokale bedrijven en economie, kunnen ze onbedoelde gevolgen hebben. Zij kunnen ertoe leiden dat een product zo duur wordt dat bedrijven meer moeten betalen voor hun aanverwante producten.

Een goed voorbeeld hiervan zijn de benzineprijzen. Omdat ze door de tarieven buitensporig stijgen, hebben bedrijven die zich bezighouden met de scheepvaart, zoals vrachtwagenbedrijven, geen andere keuze dan de detailhandel hogere prijzen in rekening te brengen om hun producten bij hen te krijgen. De retailbedrijven zullen dan reageren door de prijzen van hun goederen te verhogen om de hogere transportkosten te compenseren. Ze moeten dit doen om dezelfde winst te maken als in het verleden. Het uiteindelijke resultaat zal zijn dat de consumenten het grootste deel van het tarief moeten betalen door hogere prijzen te moeten betalen voor hun producten en goederen.

Alle landen maken om een of andere reden gebruik van importheffingen. Ze passen ze misschien niet gelijkmatig toe op elke import of industrie, maar ze zullen ze wel ergens gebruiken. Soms kiezen landen ervoor om geen tarieven te hanteren voor goederen die worden geïmporteerd. Dit staat in deze gevallen bekend als vrije handel. Veel economen geloven dat vrije handel een hogere economische groei mogelijk maakt. Critici zeggen dat zonder importheffingen economieën gedwongen zullen worden om te vertrouwen op wereldwijde markten in plaats van op hun eigen lokale markten.

Categorieën Economie

Plaats een reactie